‘Kei Leuk’ die Speckmanprijs

Iets meer dan een jaar geleden stond ik nog in de sneeuw te bikkelen van de kou in het verre Nijmegen, mijn best te doen om de inheemse bevolking aan het praten te krijgen over, wat zou blijken, een zeer gevoelig onderwerp: Schulden en schuldhulpverlening. Nu een jaar later, loop ik met een zonnebril, tijdens een van de warmste winters ooit op station Amsterdam Centraal, als ik de mail van Erik Bähre, ontvangen op 28 januari 2014 terug lees: ‘Het verheugt mij […] dat jullie de Speckmanprijs 2012/2013 zullen ontvangen’.

Verbaasd waren Soraya, Marit en ik zeker toen we dit bericht kregen. Er ging wel ergens vaag een belletje rinkelen, maar om nu te zeggen dat we ons er bewust van waren dat we meededen aan een wedstrijd: Nee.

Het haalt wel herinneringen naar boven van een zeer vermoeiende maand op een plek onbekend, in een huis met een familie die niet de mijne was, maar die mij wel opnam binnen hun gezin. Zij gaven mij een bed, voedsel en een luisterend oor, toen ik dat nodig huis in nijmegenhad en advies als ik daarom verlegen zat. Gelukkig waren de leden van mijn ‘surrogaatfamilie’ (een term die mijn moeder en gastmoeder hebben gehanteerd) mij niet onbekend, maar ik had ze al achttien jaar niet meer gezien en het was dan ook leuk om opgehaald te worden door de moeder des huizes en te zien dat ze bijna niet veranderd was.

In het gezin was wel heel wat veranderd: De zoon van de familie was net een dag voor mijn komst uit huis gegaan, met als gevolg dat ik zijn rood met groene kamer kon betrekken. Tevens was er een nieuw lid aan te familie toegevoegd in de vorm van een pleegkind. Samen met de vader des huizes, mijn surrogaatzus en het zusje van eerder genoemd pleegkind, die op dat nog maar heel sporadisch mocht komen logeren door de rompslomp die jeugdzorg heet, was ‘mijn familie’ compleet.

De aanloop naar het veldwerk was uitgebreid, maar gelukkig bleken Marit, Soraya en ik een goed team die elkaar behoorlijk achter de broek aan moesten zitten. En toen, vlak na de jaarwisseling waren wij in Den Haag, Lelystad en Nijmegen. We hoefden van te voren geen talen te leren, of ons te verdiepen in de culturele gebruiken, maar het was toch echt veldwerk. We regelden informanten bij de schuldhulpverleners, organisaties voor daklozen, het Leger des Heils, de Voedselbank, maar spraken ook mensen die zelf met schulden kampen.

Bij mij heeft vooral Stichting Dagloon een niet uit te wissen indruk achtergelaten. De werknemers, voorheen dakloos, vertelde mij over hun periodes op straat, het onbegrip van de staat en de redding die Stichting Dagloon hen gebracht heeft. Sommige van hen zijn ondertussen met succes weer toegetreden tot de arbeidsmarkt, maar de verhalen in de aanloop daarvan zijn ronduit pijnlijk en mijn kijk op de Nederlandse samenleving is veranderd.

Dat is denk ik ook de bedoeling van het BLO: Dat je situaties ziet en mensen spreekt die jouw kijk op de wereld veranderen. Het feit dat je bruut uit je comfort zone wordt gehaald is daar helaas onderdeel van, maar intensiveert de ervaring wel. Ik kan denk ik, namens de meeste van mijn medestudenten spreken als ik zeg dat we blij waren toen we weer in ons eigen bed mochten slapen, maar niemand neemt ons de waardevolle, eye-opening, leerzame en toch ook mooie momenten meer af.

Dat Marit, Soraya en ik daarvoor ook nog eens een mooie prijs en een vers bosje bloemen voor in ontvangst mochten nemen, op zeventien februari in de bamboo lounge, in het bijzijn van onze aanhang en een groot deel van de professoren is natuurlijk ‘kei leuk’

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s